Toen ik een tijdje les gaf op een hogeschool en ik studenten vroeg naar hun idee van een goed leven, dan was het antwoord steevast: gelukkig worden. En wat is gelukkig?, vroeg ik dan. Antwoorden waren dan vaak: lekker genieten, met vrienden en familie zijn, doen wat je leuk vindt.
Logisch. Westerse landen scoren goed op geluk. Vooral Nederland en de scandinavische landen. Tegelijkertijd scoren we ook hoog op depressie en eenzaamheid, met op nummer één de Verenigde Staten. Dit is op zich bekend, en er zijn genoeg theorieën te vinden die dit verklaren. Een rode draad lijkt te zijn: de seculiere consumptiemaatschappij heeft ons tot individualisten gemaakt, terwijl we van binnen een leegte voelen, een zinloosheid. Is dit alles? Waar doe ik het allemaal voor? God is dood, en daarmee zijn we zelf ook een beetje gestorven. In de woorden van psychiater Dirk de Wachter: 'Nu zitten we met een vacuüm. Het zal opgevuld moeten worden, want we kunnen niet zonder zin.'
Het ironische is het volgende: om dat vacuüm op te vullen is een enorme zingevingsindustrie op gang gekomen. Yoga, happinez, mindfulness, retraites, schools of life, magazines vol hoe-word-ik-gelukkig-artikelen. De boodschap lijkt te zijn dat we ons goed moeten voelen, anders mis je iets. Ik schreef al eerder dat we hiermee vergeten dat het soms goed is om je ook ongelukkig en melancholisch te voelen. Maar het probleem is nog fundamenteler.
Wellicht zijn we niet bedoeld om gelukkig te worden.
Want hoe kun je gelukkig blijven als leugenaars en moordenaars president kunnen worden? Als geliefden zomaar ernstig ziek worden? Als rijke bankieren een crisis veroorzaken die miljoenen treft en ongestraft verder mogen met hun werk? Als kinderziekenhuizen gebombardeerd worden? Als volwassenen elkaar te lijf gaan vanwege de huidskleur van een sprookjesfiguur? Als werkende mensen zich iedere dag vrijwillig in een paar honderd kilometer file voegen? Als kinderen met een psychiatrische aandoening geen behandeling kunnen krijgen omdat ze in de verkeerde gemeente wonen?
Dan kan je dus alleen gelukkig zijn als je je afsluit. Je ogen dicht in een meditatieles, op jezelf gericht in de sportschool, of verblind zijn door ideologie, bingewatchen, bubbelbaden en winkelramen.
Wat dan wel? Het antwoord komt van een grote verzameling filosofen, denkers, kunstenaars en andere gewone mensen. We moeten niet zoeken naar een gelukkig leven, maar naar een moreel goed leven. Of een zinvol leven. Wat maakt dat je oprecht vind dat je een moreel goed leven leidt? Dat je een goed mens bent? Dat je ervaart dat jouw leven er echt toe doet?
Er zijn meerdere antwoorden natuurlijk. Wel gaan die vaak over hoe jij je als mens verhoudt tot je naaste. Hoe ben je mens ten opzicht van de ander, en ook de onbekende ander? Wat doe jij als iemand op straat ligt? Is dat zijn probleem? (had ie maar beter z'n best moeten doen...) Of is dat, omdat jij hem ziet op dit moment, ook jouw probleem? Wederom in de woorden van Dirk de Wachter:
Bijsluiter: Een geluksgevoel kan wel een toevallig bijproduct zijn van het oprecht proberen te leven van een goed leven.
Logisch. Westerse landen scoren goed op geluk. Vooral Nederland en de scandinavische landen. Tegelijkertijd scoren we ook hoog op depressie en eenzaamheid, met op nummer één de Verenigde Staten. Dit is op zich bekend, en er zijn genoeg theorieën te vinden die dit verklaren. Een rode draad lijkt te zijn: de seculiere consumptiemaatschappij heeft ons tot individualisten gemaakt, terwijl we van binnen een leegte voelen, een zinloosheid. Is dit alles? Waar doe ik het allemaal voor? God is dood, en daarmee zijn we zelf ook een beetje gestorven. In de woorden van psychiater Dirk de Wachter: 'Nu zitten we met een vacuüm. Het zal opgevuld moeten worden, want we kunnen niet zonder zin.'
Het ironische is het volgende: om dat vacuüm op te vullen is een enorme zingevingsindustrie op gang gekomen. Yoga, happinez, mindfulness, retraites, schools of life, magazines vol hoe-word-ik-gelukkig-artikelen. De boodschap lijkt te zijn dat we ons goed moeten voelen, anders mis je iets. Ik schreef al eerder dat we hiermee vergeten dat het soms goed is om je ook ongelukkig en melancholisch te voelen. Maar het probleem is nog fundamenteler.
Wellicht zijn we niet bedoeld om gelukkig te worden.
Want hoe kun je gelukkig blijven als leugenaars en moordenaars president kunnen worden? Als geliefden zomaar ernstig ziek worden? Als rijke bankieren een crisis veroorzaken die miljoenen treft en ongestraft verder mogen met hun werk? Als kinderziekenhuizen gebombardeerd worden? Als volwassenen elkaar te lijf gaan vanwege de huidskleur van een sprookjesfiguur? Als werkende mensen zich iedere dag vrijwillig in een paar honderd kilometer file voegen? Als kinderen met een psychiatrische aandoening geen behandeling kunnen krijgen omdat ze in de verkeerde gemeente wonen?
Dan kan je dus alleen gelukkig zijn als je je afsluit. Je ogen dicht in een meditatieles, op jezelf gericht in de sportschool, of verblind zijn door ideologie, bingewatchen, bubbelbaden en winkelramen.
Wat dan wel? Het antwoord komt van een grote verzameling filosofen, denkers, kunstenaars en andere gewone mensen. We moeten niet zoeken naar een gelukkig leven, maar naar een moreel goed leven. Of een zinvol leven. Wat maakt dat je oprecht vind dat je een moreel goed leven leidt? Dat je een goed mens bent? Dat je ervaart dat jouw leven er echt toe doet?
Er zijn meerdere antwoorden natuurlijk. Wel gaan die vaak over hoe jij je als mens verhoudt tot je naaste. Hoe ben je mens ten opzicht van de ander, en ook de onbekende ander? Wat doe jij als iemand op straat ligt? Is dat zijn probleem? (had ie maar beter z'n best moeten doen...) Of is dat, omdat jij hem ziet op dit moment, ook jouw probleem? Wederom in de woorden van Dirk de Wachter:
'Als we de smekende blik zien van de ander die uit den hoge komt – dat is de poëtische taal van Levinas – kunnen we wegkijken en genoegzaam in onze eigen cocon van genot blijven zitten, maar dan eindigen we in eenzaamheid en zinledigheid. Het antwoord is de kleine goedheid van Levinas. Dat klinkt filosofisch, maar het is ook heel concreet. Als u iemand op straat onwel ziet worden, gaat u daar naartoe en vraagt u: hoe gaat het met u? Dat gebeurt niet. Mensen vallen dood op straat en hele horden gaan eraan voorbij. Dat is de tijd waarin we leven. De remedie is het kleine goede, de individuele verantwoordelijkheid van de een voor de ander. Het klinkt vlug pastoorderig, wat belachelijk en onnozel, maar het is wat het is.'
Werk aan de winkel dus. Ga niet op zoek naar geluk, maar naar het goede. Voor wat of wie wil jij je inzetten?
Bijsluiter: Een geluksgevoel kan wel een toevallig bijproduct zijn van het oprecht proberen te leven van een goed leven.

Reacties
Een reactie posten