Als je tegenwoordig laat zien dat je wat last hebt van duistere gevoelens, dan wordt het al snel als probleem gezien en krijgt je het advies om een psycholoog op te zoeken of te gaan sporten. 'Depri' is fout, happy is goed.
Niet volgens psycholoog Josef Zehentbauer, schrijver van ´de troost van melancholie: de droevige lichtheid van het bestaan', en liefhebber van gedichten als de volgende:
Door de woestijn van het leven dwaal ik gloeiend
En bezwijk ik bijna onder mijn last,
Maar ergens, vergeten haast,
weet ik lommerrijke tuinen, koel en bloeiend.
Maar ergens in een droom, zo ver,
Weet ik dat een rustplaats wacht,
Weet ik dat de ziel wordt thuisgebracht,
Weet ik dat de sluimer wacht, de nacht en menige ster.
Aldus Herman Hesse. De troost van de melancholie is een beetje vreemd en tegelijk prachtig boekje vol onbekende poëzie, rare lange zinnen, en veel stukjes onuitgewerkte filosofie. Het neemt je mee door de belevingswereld van de meer introverte en verdrietige zielen op deze aardbol. Eenzame dichters, trieste filosofen en vergeten schrijvers.
En ik werd er eigenlijk best opgewekt van.
Het boekje voelde voor mij, na een paar maanden van gediagnostiseerde 'milde depressie' en 'halve burn-out', als een mok goede zwarte koffie. Een rustgevend dekentje van duisternis in een wereld die tegenwoordig wel erg overmatig gericht is op licht, positiviteit, geluk, jeugdigheid, frisheid en de glimlach.
Zehentbauers punt is dat melancholie niet hetzelfde is als depressie. Depressie is een ziekte die ervoor zorgt dat je niet meer kan functioneren, melancholie kan juist een creatieve kracht zijn. Het besef dat je een oneindig klein deeltje bent in een 14 miljard jaar oud universum kan je enerzijds de geestelijke afgrond indrijven, maar ook vervullen van een fijn gevoel van verwondering. Melancholie is daarmee geen gothic-achtige romantiek van mensen die in zichzelf snijden en Marilyn Manson luisteren. Die duistere romantiek verlangt namelijk nog steeds naar een ideale wereld of de perfecte liefde, en zijn alleen maar teleurgesteld dat ze die nog niet gevonden hebben. De melancholie is ook een verlangen naar een eenheid, maar wel in het volle besef dat die er (waarschijnlijk) nooit zal zijn.Verlangen naar een zin van het leven, genieten van de zoektocht ernaar, in het besef dat je die nooit helemaal gaat vinden. Genieten van de vragen, zonder de antwoorden te hoeven vinden. Op een vreemde manier genieten van het verdrietig zijn omdat alles van waarde ooit vergaat.
Melancholie is daarmee een verlangen naar, in zijn woorden: 'een dynamisch evenwicht van mens-zijn, waarin alle elementen naast elkaar kunnen bestaan'. Zowel de energie van de frisse vrolijke lente, als de diepe rust die de winter kan brengen. Tussen de regels zegt het boekje eigenlijk: het is ok. Don't worry, be sad. Het spoort je aan dat duistere gevoel te accepteren als iets dat juist diepte geeft aan je 'ziel'. Omdat het doel van leven wellicht niet geluk is, maar eerder een diepte van ervaring. Een vollediger en kleurrijker leven, waar ook alle tinten grijs bijhoren (mits goed gefilmd). In de woorden van oppermelancholist Rainer Maria Rilke in het gedichtje 'Lente':
Het was niet zozeer het nieuwe schijnsel,
dat we denken deelgenoot te zijn van de lente,
als wel een spel van zachte silhouetten
op het heldere tuinpad.
Door de schaduw maken we ons de tuin eigen.
De schaduw van het gebladerte vermindert onze schrik,
wanneer wij in de verandering die begon,
ontdekken dat we al tevoren veranderd waren.
Toen ik vroeger naar Lowlands ging liep ik springend van geluk rond daar, maar voelde me tegelijkertijd altijd wat 'depri' omdat het einde van dat geweldige weekend iedere minuut dichterbij kwam. Toen vond ik dat stom van mezelf. Nu denk ik: Ha! Ik was gewoon een melancholicus! Kijk hier of jij er misschien ook eentje bent.
Niet volgens psycholoog Josef Zehentbauer, schrijver van ´de troost van melancholie: de droevige lichtheid van het bestaan', en liefhebber van gedichten als de volgende:
En bezwijk ik bijna onder mijn last,
Maar ergens, vergeten haast,
weet ik lommerrijke tuinen, koel en bloeiend.
Maar ergens in een droom, zo ver,
Weet ik dat een rustplaats wacht,
Weet ik dat de ziel wordt thuisgebracht,
Weet ik dat de sluimer wacht, de nacht en menige ster.
Aldus Herman Hesse. De troost van de melancholie is een beetje vreemd en tegelijk prachtig boekje vol onbekende poëzie, rare lange zinnen, en veel stukjes onuitgewerkte filosofie. Het neemt je mee door de belevingswereld van de meer introverte en verdrietige zielen op deze aardbol. Eenzame dichters, trieste filosofen en vergeten schrijvers.
En ik werd er eigenlijk best opgewekt van.
Het boekje voelde voor mij, na een paar maanden van gediagnostiseerde 'milde depressie' en 'halve burn-out', als een mok goede zwarte koffie. Een rustgevend dekentje van duisternis in een wereld die tegenwoordig wel erg overmatig gericht is op licht, positiviteit, geluk, jeugdigheid, frisheid en de glimlach.
Zehentbauers punt is dat melancholie niet hetzelfde is als depressie. Depressie is een ziekte die ervoor zorgt dat je niet meer kan functioneren, melancholie kan juist een creatieve kracht zijn. Het besef dat je een oneindig klein deeltje bent in een 14 miljard jaar oud universum kan je enerzijds de geestelijke afgrond indrijven, maar ook vervullen van een fijn gevoel van verwondering. Melancholie is daarmee geen gothic-achtige romantiek van mensen die in zichzelf snijden en Marilyn Manson luisteren. Die duistere romantiek verlangt namelijk nog steeds naar een ideale wereld of de perfecte liefde, en zijn alleen maar teleurgesteld dat ze die nog niet gevonden hebben. De melancholie is ook een verlangen naar een eenheid, maar wel in het volle besef dat die er (waarschijnlijk) nooit zal zijn.Verlangen naar een zin van het leven, genieten van de zoektocht ernaar, in het besef dat je die nooit helemaal gaat vinden. Genieten van de vragen, zonder de antwoorden te hoeven vinden. Op een vreemde manier genieten van het verdrietig zijn omdat alles van waarde ooit vergaat.
Melancholie is daarmee een verlangen naar, in zijn woorden: 'een dynamisch evenwicht van mens-zijn, waarin alle elementen naast elkaar kunnen bestaan'. Zowel de energie van de frisse vrolijke lente, als de diepe rust die de winter kan brengen. Tussen de regels zegt het boekje eigenlijk: het is ok. Don't worry, be sad. Het spoort je aan dat duistere gevoel te accepteren als iets dat juist diepte geeft aan je 'ziel'. Omdat het doel van leven wellicht niet geluk is, maar eerder een diepte van ervaring. Een vollediger en kleurrijker leven, waar ook alle tinten grijs bijhoren (mits goed gefilmd). In de woorden van oppermelancholist Rainer Maria Rilke in het gedichtje 'Lente':
Het was niet zozeer het nieuwe schijnsel,
dat we denken deelgenoot te zijn van de lente,
als wel een spel van zachte silhouetten
op het heldere tuinpad.
Door de schaduw maken we ons de tuin eigen.
De schaduw van het gebladerte vermindert onze schrik,
wanneer wij in de verandering die begon,
ontdekken dat we al tevoren veranderd waren.
Toen ik vroeger naar Lowlands ging liep ik springend van geluk rond daar, maar voelde me tegelijkertijd altijd wat 'depri' omdat het einde van dat geweldige weekend iedere minuut dichterbij kwam. Toen vond ik dat stom van mezelf. Nu denk ik: Ha! Ik was gewoon een melancholicus! Kijk hier of jij er misschien ook eentje bent.
Symbolisch artistiek plaatje

Reacties
Een reactie posten